Bij zomerwijn denken veel mensen aan de verschillende roséwijnen die er te krijgen zijn bij de slijter of supermarkt. Enkele jaren geleden waren er slechts een paar merken, maar tegenwoordig is de keuze in roséwijnen  groot: van droog tot (mier)zoet.

Roséwijn is een jonge wijn die wordt bereid uit blauwe druiven. Het sap wat uit deze druiven komt is kleurloos maar de roséwijn krijgt de roze kleur doordat de schillen van de blauwe druiven heel even in contact komen met het kleurloze druivensap (of simpelweg omdat de fabrikant er wat kleurstof bij doet). De druifsoort en de kleurintensiteit bepalen de smaak, maar in principe proef je in alle roséwijnen fruit. Welk fruit dit is kan behoorlijk verschillen: de ene heeft een meloen smaak, de ander gaat meer richting kersensmaak, of sinaasappel en citrus.